ACTIE · Geen Tech voor Apartheid en Genocide
Om zich te keren tegen de medeplichtigheid van de Roemeense tech sector in de genocide van het Gazaanse volk, organiseerden activisten een bewustwordingscampagne om de banden met Israël te verbreken.
Om zich te keren tegen de medeplichtigheid van de Roemeense tech sector in de genocide van het Gazaanse volk, organiseerden activisten een bewustwordingscampagne om de banden met Israël te verbreken.
De Israëlische staat is de afgelopen jaren steeds meer gaan leunen op haar versterkte banden met internationale technologiebedrijven, om zo een genocide in Gaza te plegen en het apartheidsregime op de Westelijke Jordaanoever uit te breiden. Deze samenwerkingen omvatten zowel de levering van producten en diensten die worden gebruikt voor (illegale) Israëlische activiteiten in de Palestijnse gebieden, als de ontwikkeling van technologie en kennis die verdere onderdrukking van het Palestijnse volk faciliteren. Zo is het Franse transportbedrijf Alstom een belangrijke partner in het Jeruzalem Light Rail project dat West-Jeruzalem probeert te verbinden met illegale Israëlische nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever, en heeft het Duitse conglomeraat Siemens een contract getekend om onderzeese kabels die de elektriciteitsnetwerken van Israël en Europa met elkaar zullen verbinden aan te leggen, waardoor illegale nederzettingen kunnen profiteren van de elektriciteitshandel tussen Israël en de EU.
Deze technologiebedrijven, maar ook Bosch en NTT Data, hebben vestigingen in Cluj-Napoca, Roemenië – een stad die vanwege haar twaalf universiteiten en het feit dat vijftien procent van haar inwoners in de ICT-sector werkt het “Silicon Valley van Oost-Europa” is gedoopt. In lijn met een bredere mobilisatie wereldwijd, hebben technologiemedewerkers en burgers in Cluj-Napoca opgeroepen tot het stopzetten van samenwerking met en investeringen in de Israëlische militaire sector door de vier gevestigde technologiebedrijven, om te voorkomen dat hun werk wordt ingezet voor verdere schendingen van de mensenrechten: Geen technologie voor apartheid en genocide!
De leden achter de organisatie Palestine Solidarity Cluj-Napoca (PS.CJ) vormen sinds 2017 een cruciale drijfveer achter de mobilisatie voor de Palestijnse zaak in Cluj-Napoca. Het initiatief, opgericht door lokale organisatoren na het zwijgen van de Roemeense overheid over het Palestijnse lijden sinds (maar ook voor) oktober 2023, organiseert regelmatig demonstraties, netwerkbijeenkomsten en zelfs een Palestijns Filmfestival.
Hun campagne ‘No Tech for Apartheid and Genocide’ van 2024-2025 omvatte webinars, boycots van lokale tech-evenementen en een reeks demonstraties en andere directe acties om de dagelijkse gang van zaken in de stad te verstoren. Met steun van Het Actiefonds organiseerden de demonstranten niet alleen een ‘posterbestorming’ van de bedrijfsgebouwen – om hun medeplichtigheid aan genocide en apartheid in het volle daglicht te onthullen – maar voerden zij ook gerichte acties uit om onwetende tech-medewerkers te confronteren en hen te overtuigen de Palestijnse zaak te steunen.
Sinds het einde van de campagne, en de weigering van de lokale media om erover te berichten, heeft de PS.CJ een nieuw initiatief gelanceerd. Ditmaal op nationaal niveau: in samenwerking met twaalf andere collectieven uit vijf Roemeense steden zal de oproep om de banden met Israël binnen de techsector te verbreken onmogelijk te bagatelliseren zijn. Het Actiefonds is er trots op deze actie te hebben gesteund en blijft zich solidair verklaren met het Palestijnse volk.
Aan het einde van 2025 vond de UN Climate Summit, die COP30 heet, plaats in Belém in de Amazone, een frontlinie voor ecologische verwoesting en verzet van de lokale bevolking. Om tijdens deze top veilig te kunnen protesteren op een impactvolle manier hadden activisten creatieve tools nodig om zich mee te kunnen beschermen, zodat ze hun stemmen, ondanks repressie, nog steeds kunnen laten en internationaal zichtbaar kunnen zijn. BookBlocs (enorme boekomslagen die als schilden gebruikt kunnen worden) zijn al veel gebruikt tijdens pro Palestina protesten in Nederland, de BookBlocBrigade heeft samen met Braziliaanse actiegroepen deze tactiek aangepast voor de COP30.
Dit project werd gesteund door het Klimaatrechtvaardigheidsfonds.
De schilden in de vorm van boeken zijn symbolisch en beschermend; ze zorgen voor een veiliger, krachtig en erg zichtbaar protest.
Het project, gedeeltelijk gefinancierd door het Klimaatrechtvaardigheidsfonds van Het Actiefonds vond plaats tussen 21 oktober en 21 november. Eerst werden er radicale boekwinkels bezocht in São Paulo, zodat er Portugese boeken uitgekozen konden worden die binnen de lokale context passen. In Salvador hielpen 30 deelnemers om de omslagen te schilderen tijdens workshops. Twee straatvegers kwamen zelfs spontaan meehelpen en hebben een omslag geschilderd.
De schilden werden ingezet tijdens de grote klimaatmars en de Indigenous March (waar alleen met boeken van Indigenous schrijvers werd gelopen), ze zijn daarna tentoongesteld bij de People’s Plenary in de COP30 Blue Zone.
De schilden zijn nu bij een lokale activistencollectief genaamd Pororoka, die er workshops omheen gaat organiseren samen met Vaga Lume, een bibliotheeknetwerk in de Amazoneregio.
De overheid van Ecuador zet steeds meer druk op community leiders en frontlinie verdedigers van de regenwouden in de Amazone, en criminaliseert ze steeds vaker. In 2025 werden er 61 activisten vervolgd. Hun bankaccounts werden vaak geblokkeerd als een pressiemiddel tegen hun activisme. Voor deze criminalisering van klimaatactivisten wordt gelobbyd door mijn- en oliebedrijven. Ze zijn erop uit om de activisten die strijden tegen klimaatverandering het zwijgen op te leggen.
Dit project werd gesteund door het Klimaatrechtvaardigheidsfonds.
Lanceros Digitales is een activistengroep die vecht tegen dit beleid en die achter de community leiders staan die door dit beleid worden geraakt. Ze bouwen en versterken verdedigingsstrategieën voor activisten, en helpen hen zich verzetten tegen de aanvallen van de overheid en mijnbouw organisaties in de Amazone.
Door de financiële hulp van het Klimaatrechtvaardigheidsfonds van Het Actiefonds kon Lanceros Digitales een sociale mediacampagne starten, genaamd ‘Without defenders there are no rights’, die zich richt op het beschermen van de rechten van lokale frontlinie activisten, en het wijdere publiek informeert over hun strijd.
Ze organiseerden een meeting tussen vervolgde activisten en maakten een website met informatie over de strijd van de frontlinie activisten. En hun campagne is nog niet klaar! De actiegroep zal doorgaan met het beschermen van zij die door hun eigen overheid worden vervolgd terwijl ze hun eigen regenwouden willen beschermen.
Terwijl de wereld hard aan het werk zou moeten zijn voor een fossielvrije toekomst, zijn de overheden van Oeganda en Tanzania, samen met het Franse bedrijf TotalEnergies en China National Offshore Oil Corp, hard op weg om fossiele brandstoffen nog belangrijker te maken in de toekomst door het bouwen van de East African Crude Oil Pipeline (EACOP). De 1443 kilometer lange pijpleiding zou de langste pijpleiding van de wereld worden, en ruwe olie transporteren van Lake Albert tot aan de haven van Tanga. Er wordt verwacht dat het project 379 ton aan koolstof zal uitstoten over de aankomende 25 jaar, en daarmee de wereldwijde strijd om de maximale temperatuurstijging onder de 1,5°C te houden, direct zal tegenwerken.
Dit project werd gesteund door het Klimaatrechtvaardigheidsfonds.
Terwijl de Oegandese overheid verdeling van de winst van de pijpleiding door onder andere nieuwe infrastructuur en economische ontwikkelingen had beloofd, merken bewoners juist het tegenovergestelde. Er was gezegd dat het project mogelijkheden voor de lokale bewoners zou brengen, in plaats daarvan zijn ze nog kwetsbaarder, en betalen ze de prijs terwijl ze nooit iets van de winst zullen zien.
Het Communities and Environmentaliststs Against the EACOP initiative (CEAE) tracht de lokale gemeenschappen en klimaatactivisten te mobiliseren, om zich tegen dit schadelijke bouwproject te verzetten.
Dankzij de hulp van het Klimaatrechtvaardigheidsfonds van Het Actiefonds was CEAE in staat om hun campagne tegen EACOP voort te zetten. Als onderdeel van de campagne mobiliseerde de actiegroep 50 leden van de gemeenschap van verschillende dorpen. Met hen hielden zij bijeenkomsten om over de klimaat- en persoonlijke impact van het project te spreken. Getuigenissen van de deelnemers bouwden een sterke onderlinge solidariteit en wensen voor collectieve acties.
CEAE organiseerde verschillende trainingen voor 25 lokale klimaatactivisten, waarbij ze informatie kregen over mensenrechten en grondwettelijke bescherming, landsrechten en klimaatbeleid, belangenbehartiging en community organising, en digitale en fysieke veiligheid voor klimaatactivisten. De trainees hebben die kennis in de tussentijd overgebracht aan anderen in hun dorpen, en hebben deze kennis ingezet om de belangen van hun dorpen te behartigen.
Het initiatief versterkte door middel van (sociale) media en vreedzame demonstraties lokale stemmen en zorgde zo voor een breder bewustzijn over de klimaatschendingen door EACOP.
Naar aanleiding van de activiteiten van TotalEnergies en Chinese investeerders in het Murchison Falls National Park, zetten Oegandese activisten zich in voor de kwetsbare dieren in het gebied.
In juli 2023 startte de Franse energiegigant TotalEnergies een olieboringsoperatie in het Murchison Falls National Park in Oeganda. Dit park herbergt meer dan 800 diersoorten, maar ook meer dan 6,5 miljard vaten olie diep onder de grond. Om uiteindelijk 230.000 vaten olie per dag te winnen, hebben de Tilenga- en EACOP-projecten van TotalEnergies gezorgd voor het boren van 150 putten in het park, en de bouw van een raffinaderij, industriegebied, en pijpleiding van 1445 kilometer naar de haven van Tanga in Tanzania. Hoewel de oliegigant beweert dat haar acties een netto positieve impact zullen hebben op de biodiversiteit in de regio, door bijvoorbeeld te investeren in de populaties zwarte neushoorns en chimpansees, concluderen interne auditbureaus van TotalEnergies in vertrouwelijke rapporten dat de milieumaatregelen onvoldoende zijn om de biodiversiteit te behouden.
Tot overmaat van ramp, is het Chinese bedrijf China Communications Construction Company (CCCC) sinds begin 2019 onverharde wegen in het park aan het verbreden en asfalteren voor gebruik door zware voertuigen. Deze grootschalige investeringen snijden niet alleen de natuurlijke corridors voor wilde dieren af, maar maken ook deel uit van China’s Belt and Road initiatief, waarmee het land haar dominantie in de wereldeconomie wil vergroten. Volgens een onderzoek uit 2023 zijn alle activiteiten in het park die verband houden met de winning van grondstoffen schadelijk voor de lokale fauna.
Youth for Environmental Justice and Climate Action (YECA) werd opgericht aan de Kyambogo Universiteit om een tegenstem te bieden aan de olie- en gaswinning in de gehele Albertine Graben-regio in Oeganda. Dit door vrijwilligers geleide initiatief organiseert workshops om jongeren in Oeganda te trainen, begeleiden en met elkaar in contact te brengen, om zo verandering teweeg te brengen in hun gemeenschappen en online. De organisatie heeft bovendien boomplantcampagnes op lokale scholen opgezet en organiseert regelmatig demonstraties.
Met de steun van Het Actiefonds organiseerde YECA in april van 2024 een protest om de Chinese aanwezigheid en activiteiten van TotalEnergies in het Murchison Falls National Park aan de kaak te stellen. YECA mobiliseerde de gemeenschappen in Buliisa, vlakbij het park, om zich te verenigen tegen milieuvervuiling en hun solidariteit te betuigen met de bedreigde dieren in het park.
Hoewel de lokale media, geïntimideerd door de aanwezige oliemaatschappijen en veiligheidsdiensten, terughoudend waren in de berichtgeving over het protest, hebben de activisten sindsdien gemeenschapsleiders aangesteld die updates geven over de ontwikkelingen in het park en de banden met fossielvrije bewegingen in heel Afrika versterken. Het Actiefonds is er trots op deze actie te hebben gesteund en staat solidair met YECA’s inzet voor de bescherming van de nationale parken van Oeganda en alle dieren die daar leven.
Naar aanleiding van een rechtszaak die commerciële visvangst langs de Filijpinse kust makkelijker maakte, diende PAMALKAYA-Pilipinas een wetsvoorstel in om lokale vissers en ecosystemen zekerheid te bieden.
In augustus 2024 oordeelde het Filipijnse Hooggerechtshof in het voordeel van de Mercidar Fishing Corporation (MFC), eigendom van een elitaire bureaucratenfamilie met politieke connecties, in haar civiele rechtszaak tegen het Bureau of Fisheries and Aquatic Resources (BFAR) – een overheidsinstantie onder het Filipijnse Ministerie van Landbouw. Waar het BFAR voorheen commerciële visserij activiteiten mocht verbieden binnen de eerste vijftien kilometer van de Filipijnse kunst, in gebieden tot zeven vadem diep, opent de uitspraak uit 2024 de deur voor verdere uitputtende visserij en milieuvervuiling in de kustwateren. Met de extra toegang tot gemeentelijk grondgebied mogen commerciële visserijbedrijven vissen in 98% van de rendabele visgebieden, terwijl de illegale en ongereguleerde visserij al jaren toeneemt.
Deze uitspraak is problematisch om verschillende redenen. Ten eerste beschikken commerciële vissers over apparatuur, aas en vistuig waarmee ze veel agressiever kunnen vissen; commerciële schepen kunnen in één dag vangen wat lokale vissers in maanden of zelfs jaren vangen. Deze schepen vissen met een veel hoger brandstofverbruik, vernietigen vitale koraalriffen en bedreigen lokale ecosystemen die al ernstig overbevist zijn. Bovendien verergert de toenemende marktdominantie van exportgerichte bedrijven zoals MFC de tekorten aan vis, beschikbaar voor consumptie door de Filipijnse bevolking.
Bovendien gaat de uitbreiding van de visrechten in de kustwateren ten koste van de lokale vissers, voor wie vissen niet alleen een manier van leven is maar ook een centrale rol speelt in identiteitsvorming. Het economische welzijn van Filipijnse vissers blijft aanzienlijk achter bij het nationale gemiddelde (39,2% armoede, vergeleken met 25,2% landelijk) en deze kloof zal door de toenemende commerciële concurrentie alleen maar groter worden. Weinig economische stabiliteit betekent dat levensonderhoud zwaarder weegt dan duurzaamheid en daardoor zullen lokale vissers aangewezen zijn op vervuilende en destructieve werkwijzen als sociale rechtvaardigheid uitblijft.
Om te protesteren tegen de uitspraak van het Hooggerechtshof heeft PAMALKAYA-Pilipinas meegeholpen aan het opstellen en indienen van de “Atin ang Kinse Bill” (Wet “15 km is van ons”) bij het Huis van Afgevaardigden op 20 oktober 2025. Deze wet beoogt het exclusieve recht dat vissers die voor hun levensonderhoud afhankelijk zijn van de visserij hadden op de eerste 15 kilometer zee te herstellen.
Met de steun van Het Actiefonds organiseerden vertegenwoordigers van de nationale vissersgemeenschappen op dezelfde dag een protest dat de link benadrukte tussen honger, armoede, milieuvervuiling en de uitbreiding van commerciële macht over de kustwateren. Door verschillende lokale leiders te betrekken, zorgden de demonstranten ervoor dat de diverse perspectieven van lokale gemeenschappen uit heel de Filipijnen werden meegenomen in de nationale campagne voor rechtvaardigheid in de visserij en drongen ze er bij het Congres op aan om de intergenerationele gevolgen van huidige beleidspassiviteit te heroverwegen.
Sinds het indienen van dit wetsvoorstel is PAMALAKAYA-Pilipinas zich via lobbyactiviteiten blijven inzetten voor de bescherming van lokale vissers. Momenteel plant de organisatie een nog grotere top in mei om de druk op beleidsmakers te vergroten en ervoor te zorgen dat het wetsvoorstel snel wordt aangenomen. Het Actiefonds is er trots op deze actie te hebben gesteund en zal zich solidair blijven opstellen tegenover lokale vissers in de Filipijnen die nog steeds te maken hebben met economische moeilijkheden, verlies van identiteit en aantasting van het milieu.
Elk jaar worden er in Nederland ongeveer 40 vrouwen of transpersonen vermoord omwille van hun gender. Op 25 november 2025 kwam Feministas en Rotterdam bijeen op de Internationale Dag tegen Geweld tegen Vrouwen. Met een wake brachten ze dit urgente probleem onder de aandacht, en lieten hun stem horen tegen seksueel misbruik, gendergerelateerd geweld en patriarchale onderdrukking.
Gendergerelateerd geweld in Nederland: een wake in Rotterdam
Op de Internationale Dag tegen Geweld tegen Vrouwen kwam een groep van ongeveer 50 mensen bijeen voor het Centraal Station van Rotterdam om gezamenlijk de vrouwen, meisjes, trans- en non-binaire personen te herdenken wiens leven is beëindigd door patriarchaal en feminicide geweld. Patriarchaal geweld blijft overal levens vernietigen. Door een openbare ruimte te creëren voor herdenking, verzet en solidariteit, vestigde de actie de aandacht op het voortdurende en systemische karakter van gendergerelateerd geweld in Nederland en wereldwijd.
Een collectief programma met zang, poëzievoordracht en een open mic creëerde de ruimte voor het collectieve rouwproces om de veel te veel verloren levens. Met spandoeken, bloemen, kaarsen en foto’s trok de scène de aandacht van voorbijgangers, die werden herinnerd aan de urgentie om structurele ongelijkheden en de normalisering van geweld tegen vrouwen, meisjes en non-binaire en trans personen aan te pakken – een probleem dat in Nederland elke acht dagen iemand het leven kost. Elk verloren leven is er één te veel en moet worden herdacht!
Feministas en Rotterdam & Feministas en Hollanda
De wake werd georganiseerd door Feministas en Rotterdam (FER) en Feministas en Hollanda. Beide zijn feministische, trans-inclusieve, antikoloniale en intersectionele feministische collectieven van Spaanstalige migranten, gevestigd in Rotterdam en omgeving, opgericht in 2020. Ze creëren een lokale ruimte waar migrantenvrouwen, vrouwen die op basis van hun etniciteit worden gediscrimineerd en LBTIQ+-feministen elkaar kunnen ontmoeten, elkaar kunnen steunen en feministische strategieën kunnen ontwikkelen die een antwoord bieden op de uitdagingen van het dagelijks leven.
Ze streven ernaar de radicale en intersectionele feministische beweging te versterken. Door regelmatig samen te werken met andere organisaties, weven ze netwerken van solidariteit tussen verschillende gemeenschappen en zorgen ze ervoor dat de feministische agenda in Nederland de diverse realiteit van het leven en de ervaringen van vrouwen weerspiegelt. Door migrantenvrouwen en vrouwen die op basis van ras worden gediscrimineerd te empoweren, dragen ze bij aan het opbouwen van een sterkere en meer inclusieve feministische beweging voor iedereen in Nederland.
Overige activiteiten
FER streeft naar een wereld waarin migranten vrouwen, vrouwen die op basis van hun etniciteit worden gediscrimineerd en LBTIQ+-vrouwen en transpersonen veilig zijn en zich kunnen ontplooien als leiders van hun gemeenschappen.Ze werken aan verandering op de lange termijn en een intersectioneel feministische agenda door maandelijks strategie- en netwerkbijeenkomsten, het mobiliseren voor en organiseren van demonstraties, workshops, conferenties en evenementen, en het ontwikkelen van hulpmiddelen om het patriarchaat het hoofd te bieden. Onder andere organiseerden ze een zelfverdedigingsworkshop in samenwerking met Queer Gym Rotterdam. Jaarlijks lopen ze mee in de Pride Protest in Rotterdam, georganiseerd door Queers United; en ze leiden het ‘Critical Block’ in de nationale marsen tegen feminicide in Rotterdam. Op Internationale Vrouwendag, 8 maart 2026, organiseerden ze mede de protestmars en het bijbehorende festival over feministische strategieën in Rotterdam.
Het Actiefonds is er trots op deze wake te hebben gesteund en zal solidair blijven met Feministas en Rotterdam, Feministas en Hollanda, en alle intersectionele feministische groepen die zich organiseren om gendergerelateerd geweld te bestrijden!
Na verdrijving van hun oorspronkelijke land in de jaren 60, hebben de bewoners van Padang Halaban een deel van hun rechtmatige terrein bezet. Nu wordt hun bestaansrecht opnieuw bedreigd door de Indonesische staat.
In 1968 werden de bewoners van zes dorpen in het plantagegebied Padang Halaban in Noord-Sumatra door de Indonesische staat met geweld van hun land verdreven. Hoewel de bewoners al lange tijd in het gebied woonden en officiële landregistratiekaarten bezaten, wilde het leger ruimte maken voor de palm- en fruitteelt van het landbouwbedrijf Plantagen AG, nu PT SMART, en lanceerde in 1965 een gewelddadige campagne tegen de gemeenschap. Gedurende deze periode verdwenen meer dan 50 bewoners. Sommige inwoners werden gemarteld, verkracht en zelfs vermoord onder de aanklacht dat ze banden met de communistische partij hadden. Tot op de dag van vandaag bezit het bedrijf nog steeds een gebied van zo’n 7000 hectare, terwijl de mensenrechtenschendingen die de slachtoffers ondergingen ongeadresseerd blijven door de Indonesische overheid.
Sinds de jaren zeventig zijn er diverse pogingen gedaan om gerechtigheid te krijgen voor de slachtoffers van het bloedbad en andere oorspronkelijke bewoners, maar deze liepen steeds vast in een procedurele impasse. In 2009, besloten vertegenwoordigers van de zes dorpen daarom tot directe actie over te gaan en heroverden geleidelijk een gebied van 83,5 hectare dat toebehoorde aan een van de oorspronkelijke dorpen. Ondanks aanhoudende rechtszaken werd het land in de daaropvolgende jaren opnieuw een plek voor bewoning en voedselproductie en begon het terrein opnieuw een centrale rol in de identiteit van de lokale bevolking te spelen. In 2016 oordeelde het Hooggerechtshof echter dat de gemeenschap geen recht had op het land. Later werd een ontruiming gepland voor 2025.
In december 2025 richtte KontraS Noord-Sumatra, met steun van Het Actiefonds, een monument op in het nog steeds bezette Padang Halaban, met de namen van de 50 slachtoffers van het bloedbad. Hoewel de organisatie, die sinds 2000 strijdt voor kwetsbare bevolkingsgroepen in het gebied, van plan was om de bezetting van extra land te ondersteunen om nog twintig huishoudens te huisvesten, werden de bewoners van de oorspronkelijk geclaimde 83,5 hectare op 28 januari 2026 met geweld van hun land verdreven. Met 21 bulldozers en beveiligd door ongeveer 800 politieagenten en militairen, verdreef PT SMART de gemeenschap en vernietigde hun huizen, landbouwgrond en infrastructuur.
Gedreven door hun verzetsgeest hebben de inwoners van Padang Halaban daarna het enige gebouw dat nog overeind staat bezet: de moskee. De 150 overgebleven bewoners hebben zich daar verzameld om een tijdelijk onderkomen te creëren, een gemeenschappelijke keuken op te zetten en te bidden voor hun strijd. KontraS Noord-Sumatra blijft de gemeenschap bijstaan door voedsel te verstrekken en zal binnenkort een publieke campagne lanceren om solidariteit met de slachtoffers te vergroten. Hoewel alle huizen zijn verwoest, gaat de bezetting door! Het Actiefonds is er trots op de gemeenschap van Padang Halaban te hebben gesteund en zal zich solidair blijven verklaren met hun strijd tot het land is teruggegeven.
Op 6 december 2025 verzamelden in Amsterdamse zich zo’n 200 mensen voor een demonstratie tegen de genocide in Sudan en in solidariteit met Sudanese vluchtelingen in Nederland. Ze riepen de Nederlandse Staat op om humanitaire hulp te sturen, diplomatie en sancties in te zetten, en Soedanese vluchtelingen in Nederland het verblijfsrecht toe te kennen.
Genocide in Al Fasher en de rol van Nederland
Na de val van El Fasher en de inname van de stad door de RSF in oktober 2025 hebben de etnische zuivering en massamoorden in de Sudanese burgeroorlog een nieuw hoogtepunt bereikt. Maar die burgeroorlog wordt niet enkel gedreven door interne conflicten – ze staat niet los van grotere geopolitieke belangen en geldstromen. Dat vooral de inwoners van Darfur daar het slachtoffer van zijn is onaanvaardbaar.
Daarom moet ook Nederland haar diplomatie maximaal inzetten om een einde te maken aan de genocide in Sudan, en economische banden met betrokken spelers zoals de Verenigde Arabische Emiraten, die de directe geldschieter van de RFS zijn, verbreken.
Demo en open brief
De demonstratie in Amsterdam werd georganiseerd door de Sudanese Refugee Organization, Yalla for Sudanen Doorbraak, een organisatie die als doel heeft mensen bij elkaar te brengen om zich te organiseren om samen verzet te bieden tegen de gevestigde orde en de status quo. In de aanloop naar de demonstratie stuurden Yallah for Sudan en de Sudanese Refugees Organization een open brief naar de Tweede Kamer waarin werd opgeroepen tot
vervolg
Op 9 december sprak een van de vertegenwoordigers van de Sudanese Refugees Organization in de Tweede Kamercommissie over de situatie ter plekke en hoe de Nederlandse regering kan bijdragen aan het beëindigen van dit extreme geweld. De coalitie van de drie organisaties plant nog meer demonstraties om de aandacht te vestigen op Sudan en Sudanese vluchtelingen in Nederland, zolang het nodig is.
Het Actiefonds is trots deze demonstratie te hebben ondersteund, blijft Yalla for Sudan, de Sudanese Refugee Organization en Doorbraak onderteunen en staat in solidariteit met iedereen die strijdt tegen genocide, waar ook ter wereld!
Om aandacht te vragen voor vrouwelijke slachtoffers van (online) seksueel geweld in Nigeria, organiseerde de Salma Attah Foundation for Women and Girls Support (SAFWGS) een Orange Walk.
Elk jaar, tijdens de zestien dagen tussen de Internationale Dag voor de Uitbanning van Geweld tegen Vrouwen op 25 november en de Dag van de Mensenrechten op 10 december, kleden mensen over de hele wereld zich in het oranje en komen in actie om een einde te maken aan geweld tegen vrouwen en meisjes thuis, in de openbare ruimte, in vredestijd en tijdens conflicten. Van de KL Toren in Maleisië tot de Universiteit van Wenen, en met meer dan 500 acties dit jaar in Nederland, benadrukt de campagne ‘Orange the World’, die in 2008 door de Verenigde Naties werd gelanceerd, dat de veiligheid van vrouwen een wereldwijd probleem is.
Gendergerelateerd geweld is een van de meest voorkomende mensenrechtenschendingen wereldwijd. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) wordt bijna één op de drie vrouwen minstens één keer in haar leven blootgesteld aan een vorm van fysiek of seksueel geweld. Door politieke onwil en de ineffectieve uitvoering van beleid is dit cijfer de afgelopen twee decennia grotendeels onveranderd gebleven. Des te zorgwekkender zijn de langdurige gevolgen die ervaringen met seksueel geweld vaak met zich mee brengen: slachtoffers hebben een grotere kans op ongewenste zwangerschappen, seksueel overdraagbare aandoeningen en depressie. Hoewel geweld tegen vrouwen overal voorkomt, worden vrouwen in conflictgebieden, en in klimaat-gevoelige en lage-inkomenslanden onevenredig zwaar getroffen.
Ook in Nigeria worden veel vrouwen aan seksueel geweld blootgesteld. Een onderzoek uit 2023 wees uit dat bijna 40% van de Nigeriaanse vrouwen tussen 17 en 24 jaar een vorm van seksueel geweld heeft meegemaakt. Alarmerend genoeg zocht slechts 13,1% van deze slachtoffers hulp bij zorgverleners en werd slechts 3,3% van de gevallen gemeld bij de politie. Bovendien ervaart meer dan de helft van de Nigeriaanse vrouwen die internet gebruiken online misbruik. Veel overlevenden kiezen ervoor om te zwijgen en zich terug te trekken uit de openbare of online wereld, wat in sommige gevallen leidt tot sociaal isolement, financiële en mentale gezondheidsproblemen.
Om aandacht te vragen voor deze vrouwen organiseerde de Salma Attah Foundation for Women and Girls Support (SAFWGS) een Orange Walk in de straten van Minna. Aan deze manifestatie namen meer dan 500 demonstranten deel, afkomstig uit diverse lagen van de bevolking. De tocht bracht gesprekken op gang over (digitaal) seksueel geweld onder de lokale bevolking en daarbuiten, dankzij de aandacht van de media.
Het project combineerde daarnaast belangenbehartiging met het bieden van praktische ondersteuning. Op dezelfde dag lanceerde SAFWGS namelijk haar eigen digitale meldings- en ondersteuningsplatform voor slachtoffers van digitaal geweld en deelde informatie over doorverwijzingsmogelijkheden tijdens een live demonstratie. Bovendien werd er bij de laatste stop van de wandeltocht een gratis medisch spreekuur georganiseerd, waar basisgezondheidsonderzoeken en consultaties werden aangeboden. De demonstratie ging zo verder dan het symbolische en leverde een tastbaar voordeel voor de lokale gemeenschap op.
Het Actiefonds is er trots op deze actie te hebben ondersteund en zal zich solidair blijven opstellen met alle groepen die zich wereldwijd, online en offline, inzetten voor de veiligheid van vrouwen!
Help Het Actiefonds met 10 euro per maand en steun daarmee acties wereldwijd.
doneer nu