Posteractie als tegengeluid bij demonstratie anti-abortusbeweging
Op 16 november organiseert de anti-abortus beweging de ‘Mars voor het Leven’. Met steun van Het Actiefonds organiseert een groep activisten een posteractie als tegengeluid.
Op 16 november organiseert de anti-abortus beweging de ‘Mars voor het Leven’. Met steun van Het Actiefonds organiseert een groep activisten een posteractie als tegengeluid.
De Nederlandse anti-abortus beweging groeit. Zo ontvangt stichting Schreeuw om Leven, een van de grootste anti-abortus organisaties in ons land, inmiddels twee keer zo veel donaties als in 2014. Ook lopen er in de jaarlijkse Mars voor het Leven tegenwoordig meer dan tienduizend mensen mee. Nog niet zo lang geleden waren dat er slechts enkele duizenden.
Activisten van verschillende organisaties slaan daarom de handen ineen om tijdens de Mars voor het Leven op 16 november een tegendemonstratie te organiseren. Zij zullen van te voren alle woningen en bedrijven die op de route van de mars liggen vragen of zij posters met leuzen als “Mijn lichaam, mijn keuze” voor het raam willen hangen. Zo zullen de deelnemers aan de mars omringd worden met pro-abortus standpunten.
Vrouwen horen baas in eigen buik te zijn
Op iedere poster zal de hashtag #nogsteeds staan. Een van de grote zorgen van de activisten is niet alleen de groei van de anti-abortus beweging, maar ook de normalisatie van het anti-abortus standpunt. De hashtag is een antwoord op die normalisatie en moet het pro-abortus geluid versterken. De feministische platforms De Bovengrondse en Stem op een Vrouw hebben toegezegd de actie te steunen en online te delen.
Het Actiefonds steunt groepen die opkomen voor vrouwenrechten en het recht op zelfbeschikking. Vrouwen horen baas in eigen buik te zijn. Zonder het recht op abortus kan dat niet. De toenemende populariteit van de anti-abortus beweging zien wij dan ook als een stap terug in de tijd.
Foto: pietplaat via https://bit.ly/2NNdYpf van Flickr / CC BY-SA
Vorige week vond er een aanslag plaats op een congres van Kick Out Zwarte Piet (KOZP). KOZP laat zich echter niet afschrikken. Met steun van Het Actiefonds organiseert de groep aankomend weekend demonstraties door heel het land.
“Als ze de deuren niet zo goed hadden gebarricadeerd was de kans groot dat het een bloedbad was geworden.”
Het zijn de woorden van Mitchell Esajas, voorman van KOZP, in zijn reactie op de aanslag die gepleegd werd op het landelijke congres van KOZP op 8 november. Zwarte Piet is hét symbool van institutioneel racisme in Nederland. KOZP komt hiertegen in actie. Hun evenementen en demonstraties zijn dan ook bijzonder belangrijk. Des te meer als ze bedreigd worden met geweld. Want als activisten bang moeten zijn voor een bloedbad dan is het code rood voor iedereen die een gelijkwaardige samenleving nastreeft.
Het Actiefonds steunt dan ook de demonstraties van KOZP van aankomend weekend. Deze zullen op meerdere plekken in het land plaatsvinden tijdens de Sinterklaasintocht. De demonstraties zijn de kick-off van een landelijke campagne van KOZP die er voor moet zorgen dat het Sinterklaasfeest in 2020 zonder Zwarte Piet gevierd wordt. De naam van de campagne is #2020ZwartePietVrij en zal bestaan uit landelijke manifestaties, bijeenkomsten en pop-up acties.
In Kigoma, Tanzania, worden verkrachtingen getolereerd door politie en overheid. Slachtoffers krijgen niet of nauwelijks hulp en verliezen de connectie met de samenleving. Een lokale ngo komt op voor hun rechten.
Vrouwen in Kigoma, Tanzania, leven sinds 2016 in angst voor een gruwelijke nieuwe vorm van georganiseerde misdaad die bekend staat als ‘Teleza’. Groepen mannen overvallen vrouwen in hun woning en verkrachten ze. Voornamelijk alleenwonende vrouwen zijn het slachtoffer. De mannen smeren zich in met vet of olie zodat ze minder makkelijk te pakken zijn en sluiten de buren op of drogeren ze zodat die niet in kunnen grijpen.
Alsof dit niet al erg genoeg is lijken de politie en lokale leiders de Teleza te tolereren. Sterker nog, de verkrachting leidt vaak tot stigmatisering van de slachtoffers die daardoor moeilijk aan een baan komen en sociaal geïsoleerd raken. Bovendien zijn de kosten voor medische behandeling uitzonderlijk hoog en lopen de vrouwen een enorm risico op HIV of AIDS.
Navasha Women Group is een ngo die opkomt voor de rechten van deze vrouwen. Op dit moment plannen zij een campagne die het lot van de slachtoffers onder de aandacht van de bevolking en politici moet brengen. Door middel van een demonstratie voor het hoofdkantoor van regionale politici willen zij die ertoe dwingen actie te ondernemen tegen de Teleza. Ook heeft de groep verhalen van slachtoffers verzameld die zij online wil publiceren om zo nationale en internationale aandacht te genereren. Het Actiefonds steunt beide campagnes.
Foto: Noel Feans via deze link van Flickr / CC BY-SA
Al jaren strijdt het Kameroense collectief Synaparcam voor betere werkomstandigheden op de plantages van Socapalm. Het bedrijf belooft verbeteringen maar in de praktijk gebeurt er weinig. Vandaar dat nieuwe actie nodig is.
In 2017 steunde Het Actiefonds het Kameroense collectief Synaparcam in hun strijd tegen het palmoliebedrijf Socapalm. Recentelijk werd een belangrijke overwinning behaald. Het moederbedrijf van Socapalm had een zaak aangespannen tegen de makers van een documentaire die de erbarmelijke leefomstandigheden op de plantages van het bedrijf vastlegde. Deze rechtszaak werd gewonnen door de documentairemakers. Een belangrijk moment voor Synaparcam; omdat daarmee ook indirect de situatie van de werknemers in Kameroen erkend werd.
Maar de strijd is nog niet gestreden. Socapalm profileert zich formeel als een bedrijf dat opkomt voor het welzijn van de lokale gemeenschap en het milieu. “Responsible tropical agriculture”: zo luidt de slogan op de website. Maar in de praktijk komt hier nog steeds bijzonder weinig van terecht. Daarom werkt Synaparcam samen met de ngo Fern om de Europese Unie ertoe te bewegen een actieplan op te stellen dat bedrijven als Socapalm moet dwingen zich te houden aan hun beloftes.
Ook blijft Synaparcam lokale acties uitvoeren. Met steun van Het Actiefonds organiseerde de groep een mars door verschillende dorpen in de omgeving van de plantages. Tijdens de mars werden de dorpsbewoners geïnformeerd over de misstanden bij Socapalm. Ook werden op de dag van de mars films vertoond waarin werknemers van Socapalm vertelden over hun ervaringen. Het uiteindelijke doel was lokale leiders ertoe te bewegen actiever te worden in de lobby voor betere werkomstandigheden bij Socapalm.
In Burundi is de “jacht op homoseksuelen” geopend. Een groep jongeren probeert de rechten van de LGBTQ+-gemeenschap te beschermen.
In Burundi zijn seksuele relaties tussen personen van hetzelfde geslacht sinds 2009 officieel verboden. Overtreders van de wet kunnen tot twee jaar gevangenisstraf en een enorme boete krijgen. Alhoewel de wet schijnbaar zelden tot arrestaties leidt kondigde de politie in 2017 nog aan dat het de “jacht op homoseksuelen” opende. Dit soort taalgebruik staat symbool voor de dominante houding tegenover de LGBTQ+-gemeenschap in Burundi. De gemeenschap heeft te maken met structurele discriminatie en stigmatisering. Zo zien veel mensen homoseksualiteit als een psychische aandoening of een vloek.
Ze verwachten meer dan vijfhonderd getuigenissen te verzamelen
MUCO is in 2016 opgericht door een groep LGBTQ+-jongeren uit de buitenwijken van de voormalige hoofdstad Bujumbura. Zij hebben als doel een samenleving te creëren waarin mensen van de LGBTQ+-gemeenschap niet gediscrimineerd of gestigmatiseerd worden. Dit doen zij door middel van onderzoek, onderwijs, workshops, slachtofferhulp en lobbyen. Op dit moment is de groep met steun van Het Actiefonds bezig een campagne op te zetten die zal strijden voor afschaffing van de wet die in 2009 aangenomen werd. De campagne bestaat uit een demonstratie in het hart van Bujumbara. Daarnaast zal de organisatie getuigenissen van slachtoffers van geweld en discriminatie verzamelen. Ze verwachten meer dan vijfhonderd getuigenissen te verzamelen. Deze zullen ze opsturen naar politici en media om zo steun te verkrijgen voor het afschaffen van de wet.
Foto: Dave Proffer via deze link van Flickr / CC BY-SA
In Kenia is maar liefst 14 procent van de vrouwen tussen de 15 en 49 jaar slachtoffer geweest van seksueel geweld. Helaas worden de daders zelden veroordeeld. Een lokale ngo zet daarom een campagne op om de rechten van vrouwelijke studentes in Kisii te beschermen.
“Ik heb echt het gevoel dat we zoveel meisjes en jonge vrouwen kwijtraken.”
Het zijn de woorden van een vrijwilligster die vrouwen in de grootste sloppenwijk van Kenia helpt om hun seksuele vrijheid te beschermen. Van die vrijheid is in Kenia weinig over. In 2014 liet een grootschalige enquête zien dat 14 procent van de vrouwen tussen 15 en 49 jaar seksueel geweld had ervaren. De nazorg voor de slachtoffers van seksueel geweld is erbarmelijk. In ziekenhuizen hebben ze te maken met te lange wachttijden waardoor het vaak moeilijk is om bewijs van de verkrachting te verzamelen. Bovendien leidt een aanklacht zelden tot veroordeling. Zo zouden slachtoffers bijvoorbeeld het geweld uitgelokt hebben, niet duidelijk genoeg “nee” hebben gezegd of verplicht zijn tot seks omdat ze cadeaus hadden ontvangen.
Het Youth Network Integrated Services for Research and Development (YNISRD) probeert dit probleem aan te pakken. Dit is een lokale ngo die de Keniaanse jeugd vooruit wil helpen. Op dit moment werkt de YNISRD aan een campagne tegen seksueel geweld op de Kisii University. Dat doet zij door bewustzijn te creëren over de rechten van vrouwen en de juridische middelen die beschikbaar zijn om geweld aan te kaarten. Daarnaast willen ze een feministische studentenbeweging van de grond krijgen. Hiertoe zullen zij een demonstratie, evenementen en workshops organiseren. Het Actiefonds steunt hun campagne!
Foto: Marco Verch via deze link van Flickr / CC BY-SA
Femicide is een groot probleem in Guatemala en blijft vrijwel altijd ongestraft. Mujeres Mejorando Vidas komt op voor de rechten van vrouwen in hun lokale gemeenschap en daarbuiten. Op 25 november zullen zij meelopen in een grote mars ter ere van de Internationale Dag tegen Geweld tegen Vrouwen.
In Latijns- en Midden-Amerika worden dagelijks gemiddeld twaalf vrouwen vermoord. In 98% van de gevallen wordt er nooit iemand vervolgd. Guatemala is hierop geen uitzondering. Sterker nog, het is al jaren een van de landen met het hoogste percentage femicide ter wereld. Femicide is de moord op vrouwen; enkel en alleen omdat zij vrouw zijn.
De feministische groep Mujeres Mejorando Vidas komt sinds een aantal jaar op voor de rechten van vrouwen in Guatemala. Zij zijn voornamelijk actief in de gemeente Zaragoza en het departement Chimaltenango. Zo faciliteren zij onder andere trainingen en workshops die de vrouwelijke bevolking bewust moet maken van hun rechten. Ook verlenen zij steun aan slachtoffers van geweld en doen zij onderzoek naar schendingen van vrouwenrechten.
In Latijns- en Midden-Amerika worden dagelijks gemiddeld twaalf vrouwen vermoord
Naast deze activiteiten zullen zij op 25 november deelnemen aan een grote mars door de hoofdstad van Guatemala in het teken van de Internationale Dag tegen Geweld tegen Vrouwen. Mujeres Mejorando Vidas wil zoveel mogelijk vrouwen en groepen waarmee ze samenwerkt in die mars mee laten lopen en zal daarom de reis naar de hoofdstad organiseren.
Het Actiefonds steunt hun lokale activiteiten en deelname aan de mars.
De vrouwelijke werknemers van het farmaceutische bedrijf ARPIMED in Abovyan werken onder erbarmelijke omstandigheden. Bovendien vervuilt de fabriek van het bedrijf de omgeving. De Youth Democratic Movement komt hiertegen in actie.
Sinds de revolutie van 2018 is de politieke situatie in Armenië enigszins verbeterd, maar helaas zijn nog lang niet alle problemen opgelost. Zo is veel van de macht nog steeds in handen van een rijke elite, worden de rechten van werknemers op grote schaal geschonden en is het milieu nog te vaak ondergeschikt aan economische belangen. Het mislukte protest tegen de exploitatie van de Amulsar goudmijn is hier een recent voorbeeld van.
Armenen strijden op meerdere fronten om de huidige situatie te verbeteren. Eén van die initiatieven wordt geleid door de Youth Democratic Movement. Deze groep bestaat uit activisten, voornamelijk advocaten en juristen, die de mensenrechten in kleinere gemeenschappen proberen te beschermen. Dit doen zij door middel van onderzoek, publicaties en directe actie.
De omgeving rondom de fabriek kende ooit prachtige natuur maar is inmiddels veranderd in een woestijn
Op dit moment werkt de groep aan een campagne die de rechten van de vrouwelijke werknemers van het farmaceutische bedrijf ARPIMED in Abovyan moet beschermen. Het bedrijf telt driehonderd werknemers, waaronder ongeveer 250 vrouwen. Zij worden zeer slecht behandeld. Zo krijgen velen van hen hun salaris niet uitbetaald en zijn zij slachtoffer van fysiek en psychologisch geweld. De vrouwelijke werknemers kunnen moeilijk voor hun rechten opkomen omdat het bedrijf geen vakbond heeft. Tegelijkertijd Is de fabriek van ARPIMED extreem vervuilend. De omgeving rondom de fabriek kende ooit prachtige natuur maar is inmiddels veranderd in een woestijn.
De campagne van de Youth Democratic Movement wil bovenstaande problemen op vier manieren aanpakken. Allereerst willen zij overleggen organiseren om zo de verschillende belanghebbenden bij elkaar te krijgen en een goed beeld te krijgen van wat er exact mis gaat. Ten tweede willen ze door middel van een milieu-onderzoek de precieze schade aan de omgeving vaststellen. Ten derde willen zij stakingen organiseren om zo betere werkomstandigheden af te dwingen. Tot slot willen zij door middel van een foto-expositie voor het gemeentehuis van Abovyan de inwoners van de stad op de hoogte brengen van de situatie in de fabriek.
Het Actiefonds steunt deze campagne van de Youth Democratic Movement.
Photo credit: Bert Pot via deze link van Flickr / CC BY-SA
De vakbeweging in Kazachstan verkeert in een acute crisis. Sociaal-economische rechten van werknemers en burgers verliezen steeds meer hun waarde. Via een onafhankelijke vakbeweging probeert een groep Kazachstanen deze rechten te beschermen.
Sinds 2014 introduceerde de overheid tal van regels die het vrijwel onmogelijk hebben gemaakt voor vakbonden om onafhankelijk te opereren. Zo verbood zij in 2016 praktisch het bestaan van onafhankelijke vakbonden en zijn veel vakbondsleiders sindsdien opgepakt en veroordeeld of zelfs het slachtoffer geworden van geweld. Tegelijkertijd besloot de Internationale Federatie van Vakbonden in 2018 de grootste vakbond van Kazachstan te schorsen, omdat deze niet langer onafhankelijk van de staat zou opereren.
Alhoewel Kazachstan onlangs een nieuwe president kreeg, verwachten critici niet dat hij deze autoritaire koers van het land radicaal zal veranderen. De Civil Defence Public Union (CDPU) probeert dat wel te doen. Sinds 2013 komen zij op voor de sociaal-economische rechten van werknemers en burgers in Kazachstan. Dit doen zij onder andere door juridische bijstand te verlenen aan werknemers die voor hun rechten opkomen. Ook nemen zij deel aan protesten tegen het huidige beleid en hebben zij onderwijsprojecten ter bevordering van het bewustzijn over vakbonden opgezet.
Op dit moment bereidt de CDPU een campagne voor die er op gericht is een nieuwe onafhankelijke vakbeweging van de grond te krijgen in Kazachstan. In eerste instantie zullen ze dit via formele wegen proberen. Zo gaan ze voorstellen voor wetswijzigingen indienen en goedkeuring vragen voor de organisatie van officiële vakbondsrally’s. Mochten ze hun doelen niet bereiken via de formele weg dan gaat de CDPU stakingen organiseren. Ondertussen probeert de CDPU hun protestcampagne onder de aandacht van zoveel mogelijk Kazachstanen te brengen door middel van flashmobs, directe acties en persconferenties alsmede positieve berichtgeving in de media. Het Actiefonds gaat deze campagne financieel steunen.
Eerder steunde het Actiefonds de CDPU ook al in hun strijd tegen discriminatie op de arbeidsmarkt. Klik hier om deze actie te bekijken.
Photo credit: daltonwb on VisualHunt.com / CC BY
In Slovenië is in 2018 een groep vrijwilligers begonnen met het tegengaan van illegale pushbacks van vluchtelingen door grenswachters. De vrijwilligers constateerde dat in toenemende mate vluchtelingen die de Sloveens-Kroatische grens gepasseerd zijn, teruggezonden worden naar Kroatië. Om het illegaal terugsturen van vluchtelingen tegen te gaan, gaat de groep No Border Direct Social Work met steun van Het Actiefonds proberen te verhinderen dat vluchtelingen in Slovenië teruggestuurd worden naar Kroatië.
Sinds 2013 reizen veel vluchtelingen die het oorlogsgeweld in Syrië ontvlucht zijn, via de Balkan naar landen binnen de grenzen van het Schengengebied. Sinds 2015 hebben regeringsleiders van Schengenlanden in toenemende mate proberen te verhinderen dat vluchtelingen het Schengengebied betreden. Slovenië is een van de grenslanden van het Schengengebied waar de regering probeert te voorkomen dat vluchtelingen de mogelijkheid krijgen asiel in de Schengenzone aan te vragen. Dit doet de regering door de obstakels zoals grenshekken, prikkeldraad en surveillance apparatuur op de grenzen te plaatsen en door vluchtelingen die de grens toch gepasseerd zijn terug te sturen naar Kroatië.
De Sloveense groep is 1 september begonnen met het monitoren van politieaanwezigheid en alle obstakels die opgeworpen zijn om te verhinderen dat vluchtelingen de grens oversteken. Daarnaast gaan zij een quick-response netwerk opzetten om te verhinderen dat vluchtelingen illegaal teruggezonden worden en om hen te voorzien van juridisch advies en informatie.
Help Het Actiefonds met 10 euro per maand en steun daarmee acties wereldwijd.
doneer nu